Tsvetelina Thompson-Stoyanova: ‘Niet prostitutie, maar wangedrag tast de rosse buurt aan’

Tien jaar geleden was Tsvetelina nog sekswerker op de Wallen. Nu runt ze vanuit de VS een internationale organisatie tegen mensenhandel en heeft ze een Open Brief geschreven aan burgemeester Halsema.

Terugkijkend op het verleden vertelt de uit Bulgarije afkomstige Tsvetelina Thompson-Stoyanova (34): ‘Ik raakte betrokken bij de sekshandel via mijn toenmalige vriend. Zonder dat ik het in de gaten had, isoleerde hij me van familie en vrienden. Toen ik besefte wat er gebeurde, was het te laat.’
Er zijn verschillende soorten mensenhandelaren met dito methoden. Soms heeft het slachtoffer eerst niet in de gaten dat het om mensenhandel gaat. In andere gevallen is sprake van bedreiging, dwang en misbruik. ‘Ik heb dit allemaal meegemaakt. Eerst werd ik een tijdje in Oost-Europa verhandeld, later bracht mijn trafficker me naar Amsterdam.’ Met hulp van een vaste klant lukte het haar zich te bevrijden. Later ontmoette ze Sean, haar huidige echtgenoot, aan wie ze direct alles vertelde. Lina is inmiddels gelukkig getrouwd, heeft twee kinderen en woont in Florida.

Dit jaar richtte Thompson Twentyfour-Seven op, een non-profitorganisatie voor hulp aan slachtoffers van mensenhandel, vooral in de prostitutie.
‘Mijn nare ervaringen wil ik positief inzetten om slachtoffers van sekshandel te helpen. Daarbij focus ik ook op preventie en bewustwording en mensen die risico lopen’, vertelt Thompson. ‘Slachtoffers van sekshandel zijn vaak afgesloten van elke vorm van interactie met de buitenwereld. Ze staan onder volledige controle van de mensenhandelaren en/ of pooiers en hebben geen toegang tot informatie. Hun isolement neemt toe als ze telkens verplaatst worden. Ze weten niet wat hun rechten zijn en waar hulp te krijgen. Andersom weten overheden en organisaties hen niet te bereiken.’

Bij het opzetten van haar organisatie kreeg Thompson veel steun van haar echtgenoot Sean, die haar ook hielp met het verkrijgen van patent op de door haar ontwikkelde methode om via QR-codes slachtoffers te informeren.
Wie met een smartphone de sticker met QR-code scant, komt direct op de website van Twentyfour-Seven. Hier staat in verschillende talen de noodzakelijke informatie over wetten en over waar per regio hulp is te krijgen.
Thompson: ‘Eerst plaatsten we met hulp van vrijwilligers en stewardessen de QR-codestickers bij belangrijke transporthubs zoals bus- en treinstations en luchthavens. Vervolgens zijn verschillende heren zo vriendelijk geweest om ze in bordelen, massagesalons en stripclubs aan te brengen.
Intussen zijn de QR-codes met duizenden verspreid over Noord-Amerika, Zuid-Amerika,
Europa en Australië. We zijn bezig in Azië en Afrika, maar hebben nog geen daadwerkelijk bewijs of het daar werkt. Dat is een kwestie van tijd. Afhankelijk van de financiering en donaties kunnen we onze methode verfijnen en het bereik vergroten. Twentyfour-Seven is nog klein, maar werkt wereldwijd. Onze Raad van Bestuur telt leden op drie continenten.’
‘We hopen dat de omgeving en de klanten ook alert zijn. Als een sekswerker blauwe plekken heeft, oogcontact vermijdt, een angstige indruk maakt of bereid is om seksuele handelingen te verrichten zonder condoom, kan dat wijzen op mensenhandel. We zijn nu bezig met het ontwikkelen van een simpele methode waarmee mensen dit kunnen melden aan de juiste instantie, ongeacht locatie of taal. Onze QR-methode is intussen bewezen effectiever dan alleen een bewustmakingsposter’, vertelt Thompson trots.

Thompson: ‘Wij bieden de nodige informatie en steun om slachtoffers van mensenhandel weer een menswaardig leven te kunnen laten opbouwen. Onze naam verwijst ernaar dat mensenhandel 24/7 plaatsvindt. Wij zijn bezig de infrastructuur zo op te bouwen dat slachtoffers 24/7 kunnen reageren.’
Zij is verbluft over hoe positief haar initiatief ontvangen is in de Verenigde Staten en de bereidheid tot samenwerking van andere organisaties. ‘Mensenhandel kan alleen stoppen door samenwerking’, stelt zij met nadruk.
‘Ons streven is binnen drie jaar de wetten tegen mensenhandel van elk land ter wereld te hebben vertaald in de twintig meest gesproken talen. Dan kunnen we 80 procent van de wereldbevolking bereiken. Hiertoe werken we samen met andere organisaties en overheden om hun lokale informatie aan slachtoffers te verstrekken. De website achter de code kunnen we voortdurend aanpassen al naar gelang de lokale omstandigheden.’
Verder wil Thompson zich inzetten voor de rechten en het image van sekswerkers. ‘Prostituees leveren een bijdrage aan de samenleving en verdienen het niet gestigmatiseerd te worden.’

In een uitgebreide Open Brief aan burgemeester Halsema, begin juli, schreef Thompson onder meer: ‘De sekswerkers dragen niet de schuld voor de barbaarse sfeer op de Wallen. Het is naïef ervan uit te gaan dat hun verplaatsing de huidige omstandigheden verandert. Namens Twentyfour-Seven vraag ik u nieuwe verordeningen voor de rosse buurt op te stellen inzake een gedragscode voor bezoekers.’
Vervolgens telefoneerde Thompson uitvoerig met Ivar Schreurs, ‘scout’ van de gemeente Amsterdam, over de toekomst van raamprostitutie op de Wallen.
‘Ik vertelde hem dat de Wallen kostbaar zijn voor Amsterdam. Dit zijn voorbeelden van de vrijheid die Nederlanders genieten. Nederlanders hebben de mogelijkheid om deze vrijheid met de wereld te delen en daar mogen ze trots op zijn. Voor zover meisjes achter de ramen niet verhandeld worden, oefenen zij hun vrije keuze als sekswerker uit. Het idee van vrije keuze en vrijheid is progressief en belangrijk.
Maar de Wallen zijn een beerput geworden. Niet vanwege de prostituees, maar vanwege de Nederlandse tolerantie ten aanzien van onzedelijk en ongepast gedrag van bezoekers en toeristen in de rosse buurt. Dit tast de reputatie van Amsterdam aan.
Bij een club of museum gelden gedragsregels. Wie zich daar niet aan houdt, kan vertrekken.
Ik begrijp niet waarom de rosse buurt anders is. Er moet een afgedwongen gedragscode zijn. Het zou het gebied opruimen en vertrouwen opbouwen met de meisjes en inkomsten genereren voor de stad.’
Verder vertelde ze Schreurs dat zeker niet alle meisjes verhandeld worden en dat er betere manieren zijn om slachtoffers te helpen dan door meisjes te straffen die niet gedwongen werken. ‘Ik vroeg Schreurs om de acties van toeristen in de rosse buurt te observeren, om eens een bordeel te bezoeken waar beleefdheid vereist is, en om met de meisjes te praten over hun werk en over hoe de menselijke connecties te bevorderen.’

‘Sekswerk is eeuwenoud. Ongeacht hoe regeringen de controle erop willen reguleren, blijft het bestaan. Ik woonde op plaatsen waar prostitutie illegaal is en waar het legaal is, het gedijt op beide locaties. Het isoleren, verbergen en negeren, lost het probleem van mensenhandel niet op.’
‘De beste manier om mensenhandel te stoppen, is een goede relatie opbouwen met de meisjes die mogelijk slachtoffer zijn. Dit kan mede door consistente en nauwkeurige informatie over hun rechten te verstrekken en een sfeer van vertrouwen te creëren. Ze moeten er op durven vertrouwen dat de Nederlandse politie hen beschermt en dat het rechtssysteem werkt. De huidige voorstellen helpen de meisjes niet. Daardoor worden ze juist gedwongen verder ondergronds te gaan, en raken ze meer geïsoleerd. Met als gevolg dat de mensenhandelaar meer macht heeft en de gemeenschap minder kan doen om effectief op te treden.’

‘We zijn steeds op zoek naar mensen die ons willen helpen de informatie te verspreiden en vooral naar vrijwilligers die vaak reizen en/of bordelen bezoeken. Als lezers van uw buurtkrant mee willen doen, kunnen ze contact met me opnemen.’

Geen reactie

U kunt geen reactie achterlaten

VOLG ONS OP